Wij zijn vanaf 18 november 2005 op Curaçao gaan wonen. Vreemd, zou je denken, want het ligt voor de hand dat Spanje de eerste keuze zou worden.
De keuze voor Curaçao ligt dan ook niet aan de voorkeur, maar aan de mogelijkheid tot werken daar. Niet te min is Curaçao geen vervelend alternatief. Om ook binnen deze site over Spanje, aandacht te besteden aan ons avontuur in Curaçao, heb ik dit aparte onderwerp toegevoegd.
Zo zie je onze foto´s en nieuwe belevenissen.
We proberen zo het thuisfront op de hoogte te houden van ons leven daar. Ik zou zeggen: Bon Bini.
Algemeen
Curaçao is het grootste eiland van de Nederlandse Antillen, het middelste van de Benedenwindse Eilanden. Het heeft een oppervlakte van 472 km2, met 152.000 inwoners. Het ligt op 60 kilometer van het Zuid-Amerikaanse vasteland in het zuidelijke deel van de Caribische Zee. Ten zuidoosten van Curaçao ligt Klein-Curaçao, een klein onbewoond eilandje.
Curaçao is ongeveer 100 miljoen jaar geleden onder de zee ontstaan. De oudste rotsformaties bestaan voor het grootste deel uit vulkanische gesteenten.
Deze oude gesteenten werden 60 miljoen jaar geleden boven zeeniveau getild en daarna omgeven door koraalkalksteen.
Het landschap is voornamelijk vlak met hier en daar wat heuvels, met name in het noordwesten. Het hoogste punt op Curaçao is de St.-Christoffelberg (372 m). De noordkust is steil en rotsachtig, en daardoor voor de scheepvaart niet toegankelijk. De zuidkust kenmerkt zich door veel baaien en ondiepe inhammen. De belangrijkste binnenbaai is het Schottegat. Er zijn geen permanente riviertjes, maar beddingen die zich alleen vullen als het heel hard heeft geregend. Aan de zuidwestkust komen veel kleine koraalzandstrandjes voor. Curaçao heeft geen kilometerslange witte zandstranden.
De ligging
Tussen Florida en het noordoosten van Zuid-Amerika bevinden zich in de Golf van Mexico, de Caribische Zee en de Atlantische Oceaan, langgerekte eilanden groepen. De eilanden groepen, die een oppervlakte van 3300 km2 beslaan worden de Antillen genoemd. De Antillen worden verdeeld in de Bahamas eilanden, Grote Antillen en Kleine Antillen.
De kleine Antillen worden weer onderverdeeld in Bovenwindse- en Benedenwindse eilanden. Curaçao maakt samen met Bonaire en Aruba deel uit van de Benedenwindse eilanden.
Het klimaat
Het eiland heeft een semi-aride (=droog en dor) tropisch klimaat dat wordt gematigd door de noordoostpassaat die aangenaam verkoelend werkt. Dit betekent veel zon en weinig regen. De gemiddelde jaartemperatuur is 27,5°C en het verschil tussen zomer en winter is maar 2,5 graden.
Ook het verschil tussen dag en nacht is maar klein, namelijk 5,6 graden. De zeewatertemperatuur is erg warm met gemiddeld 26,8°C. Gemiddeld valt er tussen de 50 en 75 cm regen per jaar. Het regent meestal 's morgens in de vorm van korte hevige buien die verspreid over het eiland vallen.
De meeste regen valt in de maanden oktober, november en december. De warmste maanden zijn augustus, september en oktober. De "koelste" (29°C !) maanden zijn januari en februari.
Geschiedenis
Over de oorspronkelijke bewoners is weinig bekend. Opgravingen geven aan dat Curaçao al honderden jaren bewoond moet zijn geweest. Deze indianen, Arawakken, waren afkomstig van het vasteland van Zuid-Amerika. Bewijs hiervoor is het feit dat ze dezelfde voorwerpen gebruikten en op dezelfde manier werkten, leefden en woonden als de indianen op het Zuid-Amerikaanse vasteland.
Het waren primitieve, nog in het stenen tijdperk levende indianen die leefden van de visvangst en plantaardig voedsel. Historici zijn het er niet over eens wie Curaçao heeft ontdekt.
Wel bekend is dat het in 1499 ontdekt werd, ofwel door Alonso de Ojeda, ofwel door Amerigo Vespucci, naar wie het Amerikaanse continent is genoemd. Van Vespucci is bekend dat hij Curaçao heeft bezocht. Van een bezoek aan Curaçao door Alonso de Ojeda is geen enkel schriftelijk bewijs bekend.
De Spanjaarden noemden de eilanden "Islas de los Gigantes" (Eilanden van de reuzen) omdat de indiaanse bevolking met kop en schouders boven de Spanjaarden uitstak. In 1513 verklaarden de Spanjaarden de ABC-eilanden tot "Islas Inutiles" (nutteloze eilanden) omdat er geen goud en natuurlijke rijkdommen te vinden waren. Daarop werden de indianen als slaven afgevoerd naar het eiland Hispaniola.
Tegen het eind van de 16e eeuw kwamen de Hollanders in beeld. Voor de haringvisserij hadden ze veel zout nodig en door de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) besloten de Spanjaarden en de Portugezen geen zout meer aan de Hollanders te leveren. Hun oog viel toen op de rijkgevulde zoutpannen van het Caribische gebied en tevens probeerde men een militair steunpunt in het Caribische gebied te vestigen. In 1633 stichtte de West-Indische Compagnie (WIC) een steunpunt op Sint Maarten en in 1634 veroverde men Curaçao. Dit ging vrij gemakkelijk omdat de Spanjaarden het eiland nauwelijks verdedigden.
Men gebruikte het eiland dus als uitvalshaven, maar door de natuurlijk haven, het Schottegat, ontwikkelde het zich al snel tot een belangrijk handelscentrum. Het werd een stapelplaats van textiel, meubelen en koloniale producten voor de schepen die op doorreis waren naar Amerika en Europa. Van 1673 tot 1800 werd Curaçao door de Fransen verschillende keren aangevallen. Het lukte de Fransen echter niet om Curaçao te veroveren. In 1804, 1805 en in 1807 vielen de Engelsen Curaçao aan. De tegenstand in 1807 was erg gering en de Engelsen namen het eiland in. In 1814 werd Curaçao tijdens de Conventie van Londen aan Nederland teruggegeven. Tegen het einde van de negentiende eeuw bevond Curaçao zich in een diepe crisis. De handel ging sterk achteruit en oogsten mislukten.
In 1914 begon de Shell men met de exploitatie van aardolie in Venezuela en dat zou voor Curaçao een ingrijpende gebeurtenis worden. De olie werd namelijk geraffineerd (gezuiverd) op Curaçao, en de bedrijvigheid en de werkgelegenheid namen explosief toe. Een ander gevolg was dat de raffinaderij en andere bedrijven die zich gingen vestigen op Curaçao duizenden buitenlandse werknemers aantrokken. De afhankelijkheid van de raffinaderij hield ook een groot risico in. In 1929 bijvoorbeeld liep de aanvoer en de olieprijs sterk terug met als gevolg dat van de 11.000 mensen die in de olieindustrie werkten er maar 3400 overbleven.
In de Tweede Wereldoorlog werd Curaçao eerst door de Engelsen en later door de Amerikanen bezet om het eiland te verdedigen tegen de Duitsers. De raffinaderij leverde een groot aandeel in de brandstofvoorziening voor de legers van de geallieerden en was daarom strategisch van grote waarde. De schade bleef echter zeer beperkt. Grote veranderingen bracht het "Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden" in 1954. Dit was een verdrag waarin Nederland, Suriname en de Nederlandse Antillen een vrijwel volledige zelfstandigheid van bestuur gaf. Dat betekende autonomie op alle terreinen behalve op defensie en buitenlandse zaken.
Op 25 november 1975 werd dit statuut gewijzigd; Suriname werd een geheel onafhankelijke republiek. Op 1 januari kwam daar opnieuw verandering in. Aruba kreeg de "Status Aparte" en sinds die datum bestaan de Nederlandse Antillen uit Curaçao, Bonaire, Sint-Maarten, Sint-Eustatius en Saba. Op Curaçao vond in november 1993 een referendum plaats waarin de kiesgerechtigden zich konden uitspreken over de verhouding met Nederland of volledige onafhankelijkheid. Een overgrote meerderheid sprak zich uit voor het handhaven van de band met Nederland. In 1994 werd ook besloten dat de vijf eilanden binnen één constitutioneel verband zouden blijven samenwerken. Daardoor ziet de toekomst voor de eilanden en dus ook voor Curaçao er een stuk zekerder uit.
Bij de eilandraadsverkiezingen van mei 2003 won de omstreden arbeiderspartij Frente Obrero (FOL) van Anthony Goddett op Curaçao de ruime meerderheid. De partij sleepte acht van de 21 zetels in de wacht, een verdubbeling ten opzichte van 1999. De regeringspartij PAR behield vijf zetels en de Vakbondspartij van Errol Cova behaalde drie zetels. De Nationale Volkspartij PNP daalde van vijf naar twee zetels, de sociale partij MAN behield twee zetels en nieuwkomer LNPA (Geen Stap Achteruit) behaalde één zetel. Godett werd kort voor de verkiezingen vrijgelaten uit de gevangenis, waar hij vastzat op verdenking van het aannemen van smeergeld.